Uit een vijfsterrenjaar, en volgens de producent een Rosso om de komende twee decennia te drinken. Wine Enthusiast gaf 92 punten, Robert Parker 90. In magnum.
Helder robijnrood, inmiddels met granaatrode randen. De neus is geparfumeerd en fijn: bosbessen en blauwe bloemen, wilde kruiden, daarachter zure kers, bloedsinaasappel en een zweem steranijs en zwarte thee. In de mond is de wijn eerder elegant dan breed, met strakke, fijnkorrelige tannines en een frisse zuurgraad die alles energie geeft. Er zit een zoutige, minerale kant in die aan de hoogte van de wijngaarden herinnert. De afdronk is lang, gepolijst en verrassend geparfumeerd. Wine Enthusiast zette het drinkvenster op 2023 tot 2028; uit magnum schuift dat op en drinkt hij op zijn mooist tussen 2026 en 2032. Rond 17 graden, bij gegrild vlees, gebraden gevogelte of gerijpte kaas.
In Montalcino noemen grootouders hun kleindochters potazzine, naar de kleine, kleurige vogeltjes van het Toscaanse land. Zo noemde oma de dochters van eigenaresse Gigliola Giannetti, Viola en Sofia — en het domein groeide met hen mee: Viola werd geboren in 1993, het oprichtingsjaar, en bij Sofia's komst in 1996 kwamen er twee hectare bij, tot de vijf van vandaag.
De Rosso is hier geen bijproduct. Bijna de helft van de Brunello-productie wordt gedeclasseerd tot Rosso: dezelfde wijngaarden, dezelfde wilde gisten, dezelfde veertig dagen gisting — alleen twaalf maanden op de grote Slavonische foeders in plaats van bijna vier jaar. Ongefilterd, zoals alles hier.
2020 was het jaar van de lockdown. De familie verzorgde de wijngaarden met de hand tot ze er volgens de producent bij lagen als tuinen.